De Houthalense Serap Can (39), getrouwd en mama van twee dochters, heeft voor de derde keer kanker. Elke week geeft ze een kijk in haar hart en deelt ze ervaringen van een andere patiënt. Deze week vertelt ze Billie over wanneer je ongeneeslijk ziek bent, je tóch hoopt op een mirakel. Dat jij de uitzondering bent die het wel haalt, tegen alle doktersverwachtingen in. Precies daarom komt het overlijden van iemand met hetzelfde verdict zo hard binnen, zegt Serap.
“Ik heb gisteren zoveel gehuild. Het leven is zo oneerlijk.” Terwijl ik deze woorden typ naar een hartgenoot, razen de woorden doe normaal, Serap door me heen. Straks denkt ze dat je de aandacht op jezelf wilt richten in plaats op de persoon die er niet meer is. Haar omgeving is nu in zak en as en verbruiken meer tranen dan voorzien. Maar ik kan er niets aan doen. Ik ben terneergeslagen en denk: toch niet weer een hoopvolle ziel die veel te vroeg verder reist.
“Ik ook”, stuurt ze terug. En net daarin voel ik het. Wij kennen elkaar niet zo goed, maar ik voel me begrepen. Ook zij is ongeneeslijk en klampt zich vast aan elk lichtpuntje dat ze kan vinden. Net als ik, haalt ook zij vreugde uit het kleinste goede nieuws wat stabiliteit brengt, terwijl we genezing wensen. Ik voel dat ook zij rouwt om een onbekende.
Maar kun je rouwen om iemand die je niet kent? Ik voel het keer op keer. Net omdat we hetzelfde meemaken, maar binnen een ander leven. Wat maak ik mezelf toch wijs?, denk ik somber. Mijn eigen realiteit komt zó hard binnen dat ik plots alle hoop loslaat. Mijn natuurlijke optimisme wordt vervangen door angst voor mijn eigen dood. En ik voel me volledig verloren.
Mijn verborgen emoties komen vrij in tranen. Ik herken mezelf niet meer. Ik heb altijd meer moeite om om mezelf te huilen dan om een ander. Is het uit vrees dat ik niet meer kan stoppen? Bij elk slecht kankernieuws brokkelt er een stuk van mijn hart af en moet ik alles zelf weer bijeen lijmen.
Als ongeneeslijke zieke wil ik graag dit verduidelijken: het is niet omdat we dat verdict kregen, dat we er ook naar handelen. Dat is een proces binnen een proces. We willen allemaal gewoon leven. Ieder van ons wil die ene uitzondering worden die het toch haalt. Een medisch wonder voor de dokters, de grootste droom voor ons. Maar als een hartgenoot toch moet gaat, gaat er ook altijd een stukje van mij mee. Dus ja, ik rouw om haar, en tegelijk om mezelf.
Dit gevoel schreef ik ter ere van twee dierbare hartgenoten: Jade Knops en Jilke Michielsen. Jullie eerlijk- en kwetsbaarheid inspireerden velen. Rust in vrede.
Hartgenoot Danielle (32 – diagnoseleeftijd 28): “Het doet me telkens beseffen dat ik daar zelf had kunnen staan.”
Wanneer een hartgenoot overlijdt, komt dat altijd binnen. Dat linken aan mijn eigen situatie is onvermijdelijk. Het besef hoe heftig mijn eigen traject is geweest en de angst er opnieuw door te moeten, gaat door mijn hoofd. Slecht nieuws brengt alle emoties weer naar de voorgrond. Ik laat ze toe, maar probeer er niet in weg te kwijnen, maar er een balans in te vinden. Ik gebruik het eerder als een drijfveer om nog bewuster te leven en te blijven dromen, want het kan altijd keren.
Lees de column (als abonnee), elke zaterdag, ook in het weekendmagazine Billie als bijlage in de volgende kranten:
Column nr. 34:
- Het belang van Limburg: Kan je rouwen om iemand die je niet kent? “Als iemand in mijn situatie moet gaan, gaat er telkens een stuk van mij mee” | HBVL
- Het Nieuwsblad: Kan je rouwen om iemand die je niet kent? “Als iemand in mijn situatie moet gaan, gaat er telkens een stuk van mij mee” | HBVL
- Het gazet van Antwerpen: Kan je rouwen om iemand die je niet kent? “Als iemand in mijn situatie moet gaan, gaat er telkens een stuk van mij mee” | GVA